Vermits de achtergrond van de structuur van de Katholieke Kerk alarmerend is, is een ontmaskering van haar systeem essentieel. Een bijbelse en historische analyse van het pauselijke systeem is vereist opdat haar invloed kan verijdeld worden. Dit hebben wij gedaan in onderhavig artikel. Als we het pauselijke Rome behandelen, is het uiterst belangrijk te herinneren dat “zij die niet leren uit de geschiedenis gedoemd zijn om ze te herhalen”. Veel christenen, en evangelicale kerken, werden beschadigd wegens hun onwetendheid met betrekking tot de genialiteit van Vaticaanse procedures. Maak a.u.b. dit artikel bekend bij uw familie en vrienden, en zo mogelijk: plaats het in zijn geheel op christelijke websites. Dank u.

Door Richard Bennett

Met betrekking tot de zogenaamde catastrofale effecten van de opwarming van de aarde, riep het Vaticaan de naties van de wereld op tot een ethische en economische revolutie. Ze staat erop dat de verwoesting van het ecosysteem van de wereld oproept tot veranderingen in levensstijl en energieverbruik om een ongekende verwoesting van de planeet af te wenden vóór het eind van de eeuw. Dit is slechts een recent voorbeeld van de voortdurende orders die het Vaticaan aan de wereld uitvaardigd. Vaticaanse intrusie in de zaken van de naties van de wereld is zo’n gewone zaak geworden dat ze nauwelijks nog opvalt. De tijd is gekomen, echter, dat een ontmaskering van het Vaticaanse systeem essentieel is.

Werkelijk, de wereld is grondig bekoord door paus Franciscus. Waar hij ook verschijnt, op televisie, radio, internet nieuwssites, of YouTube filmpjes, paus Franciscus wordt voorgesteld als de aardige held van de dag. Wat de meeste mensen echter niet adequaat inschatten is het platform van waaruit Franciscus spreekt. Zonder het pauselijke toneel zou Jorge Mario Bergoglio uit Argentinië onbekend zijn bij de meeste mensen in de wereld. Het pauselijke systeem is ongeëvenaard als een monolithisch, institutioneel, religieus systeem doorheen de wereld, maar het oogt vriendelijk en uitnodigend. Het pausdom bezit een enorme rijkdom, wereldwijd gezag en dicteert haar geloof aan miljoenen.[1] Als de grootste organisatie op aarde, vertoont ze een superieure begaafdheid in haar vele ondernemingen. Het pauselijke systeem is een eli­taire bureaucratische machine. Het is zo machtig dat zelfs de paus zelf zich moet onderwerpen aan haar bestuur, of hij moet de consequenties daarvan zien. Een voorbeeld hiervan is de moord op paus Johannes Paulus I (Albino Luciani) in september 1978, slechts 33 dagen na zijn verkiezing.[2] In die tijd schreef de katholieke nieuwsdienst Zenit, dat kardinaal Ratzinger zei: “zijn dood was totaal onverwacht. Johannes Paulus I leek een goede gezondheid te genieten”. Ratzinger zou ook weet gehad moeten hebben van de abnormale sterfgevallen onder de pausen. Bij die vermoorde pausen behoorden onder andere Stefanus VII (896–897) gewurgd; Stefanus IX (939–942) verminkt; Johannes XII (955–964) vermoord; Benedictus VI (973–974) gewurgd; Johannes XIV (983–984) uitgehongerd; Gregorius V (996–999) vergiftigd; Clemens II (1046–1047) vergiftigd; Damasus II (1048) vermoord en paus Pius XI (1939) naar verluidt vermoord. Later, in 2013, lijkt het erop dat Ratzinger, toen Benedictus XVI, gedwongen werd om af te treden.

Een overzicht van de geschiedenis van het pauselijke systeem

In de 4de en 5de eeuw, toen de grote vervolgingen tegen christenen voorbij waren en Constantijn het Christendom tot de religie van het keizerrijk maakte, was het Evangelie verwaterd om aangepast te worden aan heidense praktijken en gnostische speculaties. De ware aanbidding van God en de innerlijke overtuiging van de Heilige Geest was geleidelijk vervangen door een geest van wereldlijkheid. Heidense cultische praktijken werden overgenomen in wat genoemd werd de Katholieke Kerk, welke louter een uiterlijke, ritualistische vorm van Christendom was geworden, ontdaan van authentiek geestelijk leven. De geschiedenis van de Vaudois, de Pauliciaanse kerken, en later de Waldenzen, toont aan dat wat “Kerk” genoemd werd, zich meer en meer afscheidde van waar bijbels geloof. Als zodanig werd ze een wrede vervolger van ieder die voor de waarheid was zoals onthuld in het Nieuwe Testament.[3] Vanaf het begin van de nieuwtestamentische tijden had het Evangelie een interne eenheid voortgebracht onder de gelovigen, maar de vervanging van het Evangelie door ritualisme produceerde louter een uiterlijke, zichtbare eenheid van een geïnstitutionaliseerd systeem. De valse clerus-leken opdeling deed een priesterlijke-episcopale autoritaire orde opkomen van parochiale heerschappij. Dit degenereerde verder in de oprichting van een hiërarchie van een heersende clerus die de baas speelde over Gods kudde. Tegen het eind van de 5de eeuw werden deze zogenaamde “priesters” verondersteld te bemiddelen tussen God en mens. Deze mannen hadden de vroegere herders vervangen die gewoon de Schrift onderwezen. De Kerk was niet langer de gemeenschap van gelovigen in Christus Jezus, verenigd door het Evangelie; veeleer werd ze voor het grootste deel een systeem dat gedomineerd werd door een hiërarchie van de clerus.[4]

De opkomst van dit zich ontwikkelende religieuze systeem werd mogelijk gemaakt door verscheidene belangrijke krachten in het Romeinse keizerrijk. In 330 nC, verplaatste keizer Constantijn de troon van het Romeinse Rijk van Rome naar Constantinopel. Het machtsvacuüm, ontstaan door de verhuis, opende een zekere positie waarbij het zich ontwikkelende religieuze systeem kon gepositioneerd worden om een grotere greep te verkrijgen op burgerlijke macht. Ten tweede creëerden de invasies van de barbaren in het West Romeinse Rijk een overweldigende chaos, in het bijzonder binnen Rome zelf. Van de kans gebruik makend, grepen ondernemende religieuzen deze omstandigheden aan om stap voor stap de opkomende structuur op te bouwen van wat het pauselijke systeem van het Heilig Roomse Rijk zou worden.

Verder, door religieuze assimilatie van de barbaren, versterkte de bisschop van Rome in toenemende mate zijn plaats als een primaire verenigende macht die een corrupte en verstrooide maatschappij bij elkaar hield. Dus vanuit de uiteenvallende, verwarde ruïne van het Westerse Keizerrijk, kwam het Vaticaanse systeem triomfantelijk op en begon zichzelf de voorrechten van de caesars toe te eigenen. Bovendien deed ze zichzelf gelden als dat ze politiek gezag bezat boven alle heersers, premiers, en koningen van de wereld en, als het belangrijkste spirituele gezag, aan niets of niemand onderworpen. Dit was een van de belangrijkste veldslagen doorheen de eeuwen van het Heilig Roomse Rijk. Alhoewel de Reformatie in de 16de eeuw zich uiteindelijk ontdeed van de status van het Vaticaan op het civiele gebied, heeft het Vaticaan tot op vandaag nooit haar verlangen om de wereld te regeren opgegeven, zowel geestelijk als seculier.

Het Sacramentalisme begint

Beginnend in de 5de eeuw, doorgaand doorheen verscheidene zich opvolgende eeuwen, toen de stammen van barbaren ernaar verlangden christen te worden, ontving het pauselijke systeem deze nieuwe volkeren zoals zij waren. Omdat het ware Evangelie van redding door genade alleen, door geloof alleen, in Christus alleen, verlaten werd door het alsmaar meer wereldlijke religieuze systeem, was er geen oproep tot ware bekering en geloof. Het pauselijke systeem doopte eenvoudigweg de mensen uit deze barbarenstammen tot wat genoemd werd de Katholieke Kerk en hun namen werden ingeschreven in haar registers. Dit staat in contrast met de Schrift, waarin er een absolute connectie is tussen de Geest en het Woord van God – niet tussen fysisch doopwater en genade. Komen tot nieuwe geboorte, zoals gezien in het Nieuwe Testament, gebeurt door de Heilige Geest middels het instrument van Gods Woord. De apostel Petrus verkondigt daarom: “u, die opnieuw geboren bent, niet uit vergankelijk, maar uit onvergankelijk zaad, door het levende en eeuwig blijvende Woord van God”[5] Niettemin blijft de pauselijke leer, van zogenaamde wedergeboorte door de waterdoop, die startte in die vroege eeuwen, voortgaan in het systeem tot op vandaag. Het huidige Wetboek van Canoniek Recht (1983), Canon 849 zegt:

“Het doopsel, toegangspoort tot de sacramenten, in werkelijkheid of ten minste in verlangen noodzakelijk tot het heil, waardoor de mensen van de zonde bevrijd, tot kinderen van God herboren en, door een onuitwisbaar merkteken aan Christus gelijkvorming gemaakt, in de [rooms-katholieke] Kerk ingelijfd worden, wordt alleen door een wassing met echt water samen met de vereiste vorm van de doopwoorden geldig toegediend”

En zo werden dan, minstens in de 5de eeuw, mannen die zich aanmatigden te bemiddelen tussen God en mens, “priesters” genoemd.

Echter, in de Schrift, wordt iemand gered door alleen Gods genade. De Schrift is kristalhelder in Efeziërs 2:8-9: “Want uit genade bent u zalig geworden, door het geloof, en dat niet uit u, het is de gave van God; niet uit werken, opdat niemand zou roemen”. Efeziërs 2:7 zegt dat het Zijn goedheid is door Jezus Christus dat God de rijkdom van Zijn genade bewijst: “opdat Hij in de komende eeuwen de allesovertreffende rijkdom van Zijn genade zou bewijzen, door de goedertierenheid over ons in Christus Jezus”. Dat Hij alleen redt is de ware betekenis van goddelijke genade.

In een poging om reddende genade te imiteren, vanaf de late 5de eeuw, begon het pauselijke systeem te claimen dat haar sacramenten noodzakelijk zijn voor redding. Het vergde voor dit sacramentele systeem vele eeuwen om volledig ontwikkeld te worden tot zeven sacramenten. Zoals we zien vandaag zegt haar officiële leer het volgende: “De kerk verklaart dat de sacramenten van het Nieuwe Verbond heilsnoodzakelijk zijn voor de gelovigen”[6] Dit is de leidende politiek van het pauselijke systeem. En zo, op zondag 3 mei, 2015, gehoorzaamde paus Franciscus de leidende politiek van het Vaticaan met betrekking tot de sacramenten. Hij zei:

“Jezus is de wijnstok, en door Hem … zijn wij de takken, en door deze parabel wil Jezus ons het belang doen begrijpen van verenigd zijn met Hem. Geënt door de doop in Christus, hebben wij vrijelijk de gave van nieuw leven van Hem ontvangen; en we zijn in staat om in een vitale gemeenschap met Christus te blijven. Wij moeten trouw blijven aan onze doop, en groeien in vriendschap met de Heer door gebed, luisteren en onderworpenheid aan Zijn Woord, het Evangelie lezen, deelnemen aan de Sacramenten, in het bijzonder de Heilige Communie en de Biecht …”[7]

De stichting van het systeem met de paus als feitelijk Hoofd

Keizer Justinianus I (527-565) was degene, meer dan iemand anders, om de suprematie van de bisschop van Rome als hoofd van het systeem op te richten. Hij deed dit op een formele en wettelijke manier door het uitvaardigen van zuiver kerkelijke decreten en reguleringen onder de controle van burgerlijk recht. De historicus Le Roy Edwin Froom somde op wat er plaatsvond:

“Justinianus’ derde grote verwezenlijking was de regulering van kerkelijke en theologische zaken, gekroond door de keizerlijke Decreetbrief die de bisschop van Rome stelt als het ‘Hoofd van alle heilige kerken’, waardoor hij een wettelijk fundament legde voor pauselijke, kerkelijke suprematie”.[8]

Het decreet van Justinianus creëerde niet het officie van de paus, maar plaatste veeleer het wettelijke fundament voor de bevordering van besturende macht door de bisschop van Rome. De keizer wilde het verval van het keizerrijk matigen en daarbij werd kerkelijke eenheid opgelegd. Consequent hiermee werd de bisschop van Rome het hoofd van de kerk van het keizerrijk. Vervolgens begon de titel van “paus” te slaan op iemand die gesteld was als “bisschop van Rome”, die nu vrij was om het civiele zwaard van dwang te gebruiken dat hem gegeven was door Justinianus’ decreet. Vroeger kwam kerkelijke eenheid voort uit morele overtuiging van het Evangelie en de Schrift, om mensen te redden die toen zout en licht waren voor hun maatschappijen. Maar in de 8ste eeuw kwam civiele macht binnen de greep van het pausdom. Naarmate de macht van het “systeem” groeide, zo groeide ook de immoraliteit van zowel degenen die het systeem leidden als de mannen en vrouwen die onder hun controle stonden.

Immoraliteit gevolgd door kerkelijke moord en foltering

Het jaar 1073 vormde een keerpunt in de eeuwen van grove immoraliteit. Strenge discipline werd nu de norm van het pausdom. Toegevoegd aan de begeerten van het vlees, gingen pauselijke geesten verder met de uitbreiding van hun begeerte naar algehele heerschappij, zowel burgerlijk als kerkelijk. Tegen die tijd was de lijn van Karel de Grote te zwak geworden om de pauselijke ambities in te perken, en paus Gregorius VII (ook gekend als Hildebrand) was ambitieuzer dan allen die hem vooraf gegaan waren.  Hij was ervan overtuigd dat het bestuur van de paus in feite het bestuur van God was over de aarde, en besloot om alle gezag en macht, zowel wereldlijk als geestelijk, te onderwerpen aan de “stoel van Petrus”. Het was Gregorius VII die bedacht wat de enorme structuur van het pauselijke systeem zou moeten worden. Zijn doel was de opperste heerser en rechter te zijn van alle leiders, van zowel Kerk als Staat. Wat Gregorius zo schrander vatte was de notie dat om dominant te zijn over het wereldlijke rijk, het pausdom nodig moest claimen God te zijn. Deze notie, aangedreven door zijn verpletterende ambitie en gekoppeld aan de enorme rijkdom die de katholieke kerk tegen die tijd bezat, maakte haar implementatie mogelijk.

Deze sluwe bepalingen begonnen vrucht af te werpen zelfs tijdens Gregorius’ eigen bestuur (1073-1085). De pausen Innocentius III (1198-1216) en Bonifatius VIII (1294-1303) brachten de laatste toetsen aan de spirituele en wereldlijke macht aan. Paus Innocentius III kondigde een kruistocht af tegen de Albigenzen[9] en bood aan allen die zich hierin zouden engageren de vergiffenis van alle zonden om naar de hemel te gaan zonder het “vagevuur” te moeten aandoen. Het werd een oorlog die gevoerd werd met de grootst indenkbare wreedheid. Hele dorpen en steden werden uitgemoord; duizenden werden op de brandstapel verbrand, terwijl anderen het subject werden van de meest afgrijselijke folteringen. De geschiedenis van deze afschuwelijke daden van wreedheid en moord worden bevestigd in talloze verslagen. Paus Bonifatius VIII “was koppig, ambitieus, intelligent, verwaand, en vermetel. Hij geloofde diep dat de paus letterlijk de Plaatsvervanger van Christus was op aarde en dat hij buitengewone krachten bezat. Ieder die hem tegenstond, stond op tegen God, en daarom was hij zeker verderfelijk”.[10] Hij is welbekend voor een uitspraak in zijn pauselijke bul “Unam Sanctum”: “Wij verklaren, zeg, definiëren, en verkondigen aan elk menselijk schepsel dat zij uit noodzaak voor redding geheel ondergeschikt zijn aan de Romeinse paus”.[11] Vijfenzeventig pausen, de een na de ander, vanaf paus Innocentius III tot paus Pius VII, gingen akkoord met foltering, moord, brandstapel en de confiscatie van de eigendommen van gelovigen in de weerzinwekkende zes eeuwen van de Inquisitie.[12] Het pausdom legde ondraaglijke folteringen op en wrede dood op ware gelovigen.

De heerlijke Reformatie en de boosaardige Contrareformatie

De Reformatie in de 16de eeuw heeft een groot deel van het bijbelse geloof hersteld dat door de apostelen werd verkondigd. Niet enkel werd bijbels geloof hersteld, maar doorheen Europa werd het pauselijke systeem verwoest. De mannen van de Reformatie waren dezen zoals Luther te Wittenberg; Erasmus, en Colet te Oxford; Bilney, Latimer, en Cartwright te Cambridge; en Lefevre en Farel te Parijs. Deze leiders van de Reformatie waren hoog opgeleide mannen van hun generatie. De Reformatie was een geestelijk ontwaken. De voornaamste respons van het Rooms-katholieke systeem op het bijbelse geloof van de hervormers was de Contrareformatie. Dit werd voornamelijk bevorderd door de politieke en opleidingsinvloed van de Jezuïtenorde. De Jezuïeten, op een compromisloze en militante manier, leidden een beweging om het Rooms-katholieke systeem te herstellen tot de positie die het had vóór de Reformatie. De bedoeling van de Jezuïeten, toen en nu, is het indoctrineren van populaties. Populaties die niet gegrond zijn op de Bijbel zijn notoir bijgelovig en slaafs aan alle bewegingen van sentimentele religie en mysticisme. Omdat zij geen juiste kennis hebben van God door Jezus Christus en Zijn geschreven Woord, heeft het Jezuïtische mysticisme een grote aantrekkingskracht voor hen.  Voor zulke stuurloze mensen, in geestelijke duisternis, biedt het Rooms-katholieke systeem zowel geestelijk gezag van de Paus, haar zichtbare rituelen, en effectieve psychologische conditionering.

Tegen het midden van de 17de eeuw had de Jezuïetenorde duizenden leden over heel Europa. Hun missie, toen en nu, is geweest het ondermijnen van vertrouwen in de Bijbel als het Woord van God en het uitroeien van het effect van de Reformatie. Tijdens de paar volgende eeuwen werden zij de meest krachtige macht van de paus voor het ontdoen van de westerse cultuur van christelijk-bijbelse principes en –vrijheden. De Jezuïeten hadden een sterke politieke invloed bij katholieke monarchieën doorheen Europa. Zij hebben de belangrijkste Contrareformatie-inspanningen geleid gedurende vier eeuwen, door het ondersteunen van pauselijk gezag, het herstellen van het sacramentele systeem, en het bekendmaken van een onweerstaanbare versie van Rooms mysticisme en bijgelovigheden aan vele naties die geraakt werden door de bijbelse principes van de Reformatie. Veel van wat pauselijk Rome had bereikt sinds de Reformatie, en in moderne tijden, is te wijten aan de planning, strategie, en fanatieke toewijding van de Jezuïeten. Op 1 juni 2015 gebruikte het pauselijke systeem haar Jezuïtische paus Franciscus, om de Heer Jezus Christus gelijk te stellen aan Mohammed. Door dit te doen heeft ze gepoogd de absolute uniciteit van de Heer Jezus en het christelijke geloof te ontkrachten. De exacte woorden waren: “Jezus Christus, Mohammed, Jehovah, Allah. Dit zijn alle namen aangewend om een entiteit te beschrijven die duidelijk dezelfde is over de hele wereld”.[13] Zo een verloochening, door het pauselijke systeem, van de uniciteit van de Heer Jezus Christus is het toppunt van afvalligheid.

Het pauselijke systeem promoot haar eigen sociale culturele systeem

Het concept van “het algemeen welzijn” maakt integraal deel uit van de katholieke sociale doctrine. Zij definiëren “het algemeen welzijn” als volgt:

“Het algemeen welzijn bestaat niet uit een eenvoudige som van de bijzondere prosperiteiten van elk subject van de sociale entiteit. Toebehorend aan iedereen en elk persoon blijft het ‘algemeen’ omdat het ondeelbaar, en omdat het enkel samen mogelijk is het te bereiken, te doen toenemen en zijn effectiviteit te waarborgen … In feite kan het algemeen welzijn begrepen worden als de sociale en gemeenschappelijke dimensie van het algemeen welzijn”.[14]

Impliciet in deze verklaring is het idee dat alle bezit, rijkdom en welzijn nooit tenvolle privé bezit zijn. Elders wordt officieel gesteld dat privé-eigendom en alle welzijn altijd onderworpen zijn aan reglementering opdat “het algemeen welzijn” de voornaamste begunstigde  zou zijn.[15] Verder verklaart de Katechismus van de Katholieke Kerk:

“De staat moet het algemeen welzijn van de burgerlijke gemeenschap verdedigen en bevorderen. Het algemeen welzijn van de hele menselijke gemeenschap vraagt om een internationale organisatievorm”.[16]

Door zich te richten naar actuele socialistische trends, hoopt het systeem een toenemende positie van relevantie te verwerven in seculiere politieke, economische en sociale kringen. Katholieke sociale doctrine betracht een Marxistisch-type van collectivisme waarin elk persoon een gelijk deel heeft van “het algemeen welzijn” gebaseerd op zijn zogenaamde menselijke waardigheid en rechten. Zo’n concept leert mensen afhankelijk te zijn van de burgerlijke overheid in plaats van zelf verantwoordelijkheid op te nemen voor hun eigen levens en keuzes, zoals de Bijbel dat eist. Nergens roept de Bijbel gelovigen op om zich afhankelijk te maken van de overheid voor hun levensvoorzieningen, maar zij moeten opzien naar God Die voor de zijnen zal voorzien.[17] Als echter de Bijbel irrelevant[18] kan gemaakt worden en het Evangelie verdraaid kan worden, zal de katholieke kerk andermaal een gelegenheid hebben om de internationale morele autoriteit te worden die ze nu claimt te zijn in voornamelijk katholieke landen.

Tot conclusie, de les die moet geleerd worden

Het pauselijke systeem kwam op onder het Romeinse keizerrijk en overleefde de val van het rijk. In 537 nC verschafte Justinianus de wettelijke basis opdat zij wereldlijke macht zou krijgen, die zij ook verkreeg in de volgende tien eeuwen. Haar wereldlijke macht werd tegengehouden door de ontdekking van de Bijbel en het Evangelie tijdens de Reformatie van de 16de eeuw. Het pauselijke systeem werd in het nauw gedreven door de Puriteinen van de 17de en de 18de eeuw. Toch overleefde ze de ondergang van het Heilig Roomse Rijk om een “soevereine natie” te worden in de 20ste eeuw, en om in de huidige eeuw een belangrijk machtsblok te vormen. Vandaag is paus Franciscus het zichtbare hoofd van de Roomse kerk; maar het pauselijke systeem is nog steeds de macht achter de troon. Het pauselijke systeem is niets minder dan het satanisch namaaksel van de ware christelijke Kerk; inderdaad, het is het geheimenis van de wetteloosheid”.[19] Het resultaat, door de eeuwen heen, is de “misleiding van de ongerechtigheid” van het systeem. Deze afvalligheid is gekenmerkt door hypocrisie en bedrog. Het afvallige pauselijke systeem, alhoewel uiterlijk schijnbaar bezig met rechtvaardigheid en heilig zijn, is erop uit te misleiden, zelfs de uitverkorenen als dat zou mogelijk zijn.

De ware Kerk is een van de grote geheimenissen die onthuld zijn door God, welke zijn grootste manifestatie had in het Nieuwe Testament als het lichaam van de Heer Jezus Christus.[20] Daarom verkondigt de Schrift: “Nadat God voorheen vele malen en op vele wijzen tot de vaderen gesproken had door de profeten, heeft Hij in deze laatste dagen tot ons gesproken door de Zoon, Die Hij Erfgenaam gemaakt heeft van alles, door Wie Hij ook de wereld gemaakt heeft. Hij, Die de afstraling van Gods heerlijkheid is en de afdruk van Zijn zelfstandigheid, Die alle dingen draagt door Zijn krachtig woord, heeft, nadat Hij de reiniging van onze zonden door Zichzelf tot stand had gebracht, Zich gezet aan de rechterhand van de Majesteit in de hoogste hemelen”.[21] Aldus is het zo dat waar Christendom gefocust is op de Persoon van de Heer Jezus Christus en niet op een politiek en kerkelijk systeem.

Als wij de macht, wijsheid en goedheid van de hemelse Vader aanschouwen, dan aanschouwen wij ook de macht, wijsheid en goedheid van de Heer Jezus Christus, want als Middelaar heeft Hij de natuur en volmaaktheden van God in Zichzelf. De Heer Jezus Christus alleen verzoent ons met God door de volle, wettelijke genoegdoening voor onze zonden, middels Zijn plaatsvervangende dood aan het kruis. Er is absoluut geen kerksysteem dat een ziel kan redden door geritualiseerde, sacramentele acties, of door enige andere middelen. Evenmin kunnen wij onszelf rechtvaardigen voor God door middel van religieuze werken, die altijd besmet zijn door onvolmaakte uitvoering en bedorven door ik-zuchtige motieven. Een ziel zal geen vrede met God hebben terwijl hij ernaar streeft zichzelf te redden met enig middel dat God niet accepteert. Het is enkel het door de Heer Jezus Christus verzoenende werk van uitstorting van Zijn bloed voor ons, dat tegemoet komt aan de eis van een Alheilige God en Zijn volmaakte wet. Het is door eenvoudig te vertrouwen op Christus als het Lam van God dat wij gered zijn. Door in Hem te geloven zijn wij bevrijd van de universele straf van de tweede dood en dat wij de verzekering hebben voor God dat wij geaccepteerd zijn in Hem.[22] Er is geen andere manier tot redding, waarvan de Heilige Geest getuigt in de gewetens van mensen met Zijn goedkeuring.[23]  “En de zaligheid is in geen ander, want er is onder de hemel geen andere Naam onder de mensen gegeven waardoor wij zalig moeten worden” (Handelingen 4:12).  Zo drukt Zijn Woord het uit: “Wie heb ik behalve U in de hemel? Naast U vind ik nergens vreugde in op de aarde”.[24] Ultiem is het de heerlijke persoon van de Heer Jezus Christus, die onthuld werd en leven en redding geeft. In totaal contrast hiermee levert het pauselijke systeem, dat leven en redding belooft, in feite slaafse rituelen en verdorvenheid, en uiteindelijk dood en veroordeling.

Ging men niet alleen voor het herstel van het absolute gezag van de Bijbel, en het Evangelie van genade tijdens de Reformatie van de 16de eeuw, dan had het gekund dat het pauselijke systeem nog steeds niet werd ontdekt. Niettegenstaande het pauselijke systeem, dat zo alomheersend wordt afgebeeld in de wereld van vandaag, overtuigt de Heilige Geest nog steeds individuele mensen van hun zonden tegenover de heilige God, en zendt hen berouw en bekering tot leven in Christus Jezus: “Deze Jezus heeft God door Zijn rechterhand verhoogd tot een Vorst en Zaligmaker, om Israël bekering te geven en vergeving van zonden”.[25] De bangelijke woorden van de Heer in Mattheüs 7:21 zouden een bel moeten laten rinkelen in de oren van hen die al hun hele leven geloven in het pauselijke religieuze systeem: “Niet ieder die tegen Mij zegt: Heere, Heere, zal binnengaan in het Koninkrijk der hemelen, maar wie de wil doet van Mijn Vader, Die in de hemelen is”. Geen enkel persoon zal louter door het erkennen van Christus’ gezag, door te geloven in Zijn goddelijkheid, door geloof in Zijn volmaaktheid en de oneindige verdienste van Zijn verzoening, enig deel hebben bij God in Zijn heerlijkheid, maar enkel zij die voor redding uitsluitend geloven in Jezus Christus. De Heer riep als volgt op beknopte wijze op om in Hem te geloven: “Dit is het werk van God: dat u gelooft in Hem Die Hij gezonden heeft”.[26] Evenzo verklaarden Paulus en Silas: “Geloof in de Heere Jezus Christus en u zult zalig worden, u en uw huisgenoten”[27] Het Evangelie van Jezus Christus houdt stand, en evenzo Zijn oproep in uw leven. Kent u persoonlijk Jezus Christus? Het water des levens wordt aan u aangeboden in de overvloed van genade, dat ver de boosheden van de zonde overtreft. De roep van de Heer in de Schrift luidt zo: “En de Geest en de bruid zeggen: Kom! En laat hij die het hoort, zeggen: Kom! En laat hij die dorst heeft, komen; en laat hij die wil, het water des levens nemen, voor niets”.[28]

Eens dat u, een veroordeelde zondaar, gelooft in Jezus Christus alleen, door genade alleen, door geloof alleen, als uw enige zekerheid en toevluchtsoord, zal u zich niet enkel bevrijd weten van uw zonden, maar bekwaam gemaakt zijn om uw leven te besturen: “Want als door de overtreding van de ene de dood geregeerd heeft door de ene, veel meer zullen zij die de overvloed van de genade en van de gave van de gerechtigheid ontvangen, in het leven regeren door de Ene, namelijk Jezus Christus”.[29] Zij die de overvloedige genade ontvangen, gegeven door Christus, zijn niet enkel bevrijd van de heerschappij, maar zij leven en regeren met Christus wanneer zij dagelijks geheiligd worden door Zijn Woord en de Heilige Geest, en door constante gemeenschap met Hem. Met Hem zullen zij ook voor altijd regeren en Hem verheerlijken in alle eeuwigheid. Geloof in Hem alleen en u zult veilig zijn in Hem: “tot lof van de heerlijkheid van Zijn genade, waarmee Hij ons begenadigd heeft in de Geliefde”[30]   “Daarom, als iemand in Christus is, is hij een nieuwe schepping: het oude is voorbijgegaan, zie, alles is nieuw geworden”.[31] ¨


Richard Bennett van “Berean Beacon”

Website: https://bereanbeacon.org

Toestemming wordt gegeven om dit artikel te kopiëren in zijn geheel, zonder wijzigingen.
Ook wordt toestemming gegeven om dit artikel in zijn geheel op internet websites te plaatsen.


[1] Het pauselijke systeem bestuurt meer dan een miljard katholieken wereldwijd.

[2] Vid David Yallop, In God’s Name: An Investigation Into the Murder of Pope John Paul I  (Bantam Books, 1984)

[3]“ En ik zag dat de vrouw dronken was van het bloed van de heiligen, en van het bloed van de getuigen van Jezus. En ik was bovenmate verwonderd toen ik haar zag”. Openbaring 17:6

[4] Vid Wylie, The History of Protestantism,  Vol. I, Book I, pp. 3-14. Zie ook D’Aubigne, Boek I, pp.1-34.  Historicus William Gilly toont aan dat in de vroege 5de eeuw, Vigilantius, geboren in Acquitania, was sterk tegen het zich ontwikkelende crlericale systeem.

[5] 1 Petrus 1:23.

[6] RKK-Catechismus 1995 (NL), Par. 1129 (originele schuine letters).

[7] www.missionsandiego.org/pope-francis-bear-the-fruits-of-membership-in-christ-and-the-church-regina-caeli-messsage-may-3-2015/ (nadruk [vet] toegevoegd).

[8] The Prophetic Faith of our Fathers, door Le Roy Edwin Froom  Vol. I, p. 507.

[9] De Albigenzen waren een groep christenen, invloedrijk voor hun godvruchtige levens, die veroordeeld werden door het systeem van Rome. George Stanley Faber, schrijvend in 1838, geeft een voorbeeld van het pauselijke werk: “Overeenkomstig het plan overgenomen door de inquisiteurs van Languedoc, was het moreel onmogelijk voor enige van de beschuldigde Albigenzen, om de beschuldiging van Manicheïsme te ontlopen.

[10] http://history.boisestate.edu/westciv/babylon/04.htm  6/3/2015

[11] Henry Denzinger, The Sources of Catholic Dogma, herzien door Karl Rahner, B. Herder Book Co., 1957), #469.

[12] Zie de Video The Inquisition at: https://www.youtube.com/watch?v=Rx8PdvOELvY

[13] http://nationalreport.net/pope-francis-followers-koran-holy-bible/ 6/5/2015

[14] Compendium, Sect. 164

[15] Compendium, Sect. 177, 178

[16] RKK-Catechismus, 1995 (NL), Par. 1927

[17] Mattheüs 6:31-32 “Wees daarom niet bezorgd en zeg niet: Wat zullen wij eten? of: Wat zullen wij drinken? of: Waarmee zullen wij ons kleden? Want al deze dingen zoeken de heidenen. Uw hemelse Vader weet immers dat u al deze dingen nodig hebt”. Hebreeën 13:5-7 “Laat uw handelwijze zonder geldzucht zijn. Wees tevreden met wat u hebt, want Hij heeft Zelf gezegd: Ik zal u beslist niet loslaten en Ik zal u beslist niet verlaten. Daarom zeggen wij met goede moed: De Heere is voor mij een Helper en ik zal niet vrezen. Wat zal een mens mij doen? Denk aan uw voorgangers, die het Woord van God tot u gesproken hebben. Let op de uitkomst van hun levenswandel, en volg hun geloof na”.

[18] Deze agenda werd alomtegenwoordig onderwezen in westerse colleges en universiteiten ten minste since de jaren (1960).

[19] 2 Thessalonicenzen 2:7. Deze wetteloosheid kwam gradueel op binnen het pauselijke systeem naarmate het Romeinse Rijk baan maakte voor wat het Heilig Roomse Rijk werd.

[20] De term geheimenis (mysterie) betekent dat iets wat nu onthuld is, verborgen was in de verleden eeuwen. Een van de grote geheimenissen die God in het Nieuwe Testament onthult is het geheimenis van de kerk. Dit is iets nieuws: de kerk bestaande uit Jood en Heiden zijn één in Christus.

[21] Hebreeën 1:1-3

[22] Efeziërs 1:3-7

[23] Romeinen 5:1

[24] Psalm 73:25

[25] Lukas 24:46-47; Handelingen 5:31

[26] Johannes 6:29

[27] Handelingen 16:31

[28] Openbaring 22:17

[29] Romeinen 5:17

[30] Efeziërs 1:6

[31] 2 Korinthiërs 5:17

Podobne wpisy